Ode aan november
Hoewel ik onder de Spaanse zon woon, ben ik in hart en nieren een herfstmens. Ik groeide op in de bosrijke omgeving van Apeldoorn en zodra de bladeren begonnen te kleuren, wilde ik meteen naar stadspark Berg & Bos om kastanjes en beukennootjes te gaan zoeken, wilde zwijnen te spotten en hutten te bouwen. Als ik in gedachten terugreis naar die tijd ruik ik nog de aardse, kruidige herfstgeur die in het hele park hing. Ook in Andalusië ervaar ik – gelukkig – de verschillende seizoenen. Nog altijd is het najaar mijn favoriete tijd van het jaar, en heb ik in het bijzonder een zwak voor de maand november.
Andalusië
November in Andalusië voelt natuurlijk anders dan de herfst van mijn jeugd, maar de essentie is voor mij hetzelfde. De ochtenden zijn fris, de zon warmt langzaam de dag op, en de dagen zijn korter. De drukte van de zomer is voorbij. Ik hou van deze tijd. Overdag ben ik veel buiten, en ’s avonds krul ik me met een kop thee en een boek op de bank. In Málaga geurt het naar de gepofte kastanjes (castañas asadas) die op bijna elke straathoek worden verkocht. Voor mij het officiële startsein van het najaar. Hier op het platteland is november ook de maand van ploegen en zaaien. ‘No pase noviembre sin que el labrador are y siembre’, zeggen ze ook wel, wat zoveel betekent als: November gaat niet voorbij zonder dat de boer ploegt en inzaait. Het is de tijd waarin de aarde wordt voorbereid op nieuw leven, maar ook een periode van oogst. Granaatappels en olijven worden geplukt, en de eerste sinaasappels kleuren voorzichtig oranje aan de bomen.
Nevelmaand
Vroeger noemden ze november de jachtmaand of slachtmaand; de tijd waarin men zich voorbereidde op de winter en de voorraadkast vulde voor de donkere dagen. Maar ik, met een groot hart voor dieren, voel me meer senang bij de naam nevelmaand, en die past, ook hier in Zuid-Spanje. In de vroege ochtend, wanneer ik met onze honden (en de kat) wandel, hangen dunne sluiers mist tussen de bergen, vlak voordat de zon boven de horizon piept en het glooiende landschap goudgeel kleurt. Ik geniet van die ochtendroutine met mijn viervoeters. De dag ontvouwt zich langzaam, alsof alles nog even in tussenruimte verkeert. Het is geen nacht meer, ook nog geen dag, maar iets daartussenin, een soort twilight zone. Ik hou van die zweem van mysterie, van dat haast sacrale gevoel dat in de lucht hangt. Alsof de sluier tussen wat zichtbaar en wat onzichtbaar is, even dunner wordt. Misschien is dat waarom november me zo raakt: het is een maand waarin de wereld vertraagt, het licht verandert, en de grens tussen buiten en binnen vervaagt.
Allerheiligen en Allerzielen
Het lijkt me geen toeval dat juist in deze maand Allerheiligen en Allerzielen worden gevierd. Dagen waarop we stilstaan bij wie er niet meer is. Hier in Spanje is Allerheiligen (Dia de Todos los Santos) zelfs een nationale feestdag waarop winkels en instanties gesloten zijn en families bij elkaar komen. Om naar de begraafplaatsen te gaan om hun overleden dierbaren te eren en de graven te versieren met bloemstukken en kaarsen. Daarna komen ze samen in het familiehuis om te koken, uitgebreid te eten en herinneringen op te halen. In de dagen vooraf worden graven alvast netjes schoongemaakt en draaien bloemisten overuren. Tegenwoordig wint Halloween (Dia de las Brujas, dag van de heksen) ook hier aan populariteit, en liggen de winkels vanaf september vol met kostuums, snoep en versieringen. Ondanks dat blijven de tradities van Allerheiligen en Allerzielen overeind. Ik voel me er op de een of ander manier mee verbonden en ervaar sterker de band met wat was, met mooie herinneringen, de natuur en de cyclus van leven en loslaten.
Vertragen
In november heb ik zin om te vertragen. Om naar binnen te keren, de stilte op te zoeken, te schrijven, te luisteren. Het is een maand van kaneelthee en pompoensoep, frisse ochtenden, en de wind die ’s avonds om onze finca giert. Maar ook van eindeloze wandelingen onder de helderblauwe Andalusische lucht. De temperaturen zijn milder in november, het zonlicht is diffuser, zachter. Tijdens mijn tochten door de bergen ademt alles rust: letterlijk want ik kom haast niemand tegen en figuurlijk omdat de natuur ook even een stapje terug lijkt te doen. De heuvels zijn nog goudgeel van de droge zomer, de winter hangt voelbaar in de lucht en het Andalusische landschap wacht geduldig om straks weer in frisgroen te ontspruiten. De natuur herinnert me eraan dat ik me niet hoef te haasten. Er zit iets troostends in dat stille wachten, alsof alles weet: mijn tijd komt weer. November is een tussenmaand. Tussen het einde van de herfst en het begin van de winter, tussen buiten en binnen, tussen loslaten en opnieuw beginnen.
Zelfs hier, in Andalusië, herken ik iets van die herfst uit mijn jeugd in Apeldoorn: naar buiten gaan, net zo lang wandelen tot mijn wangen rood kleuren van de wind en de zon, om daarna met een mok thee tevreden op de bank ploffen. Misschien hou ik daarom zo van deze tijd van het jaar. November brengt me altijd terug naar mijn essentie: eenvoud en aandacht.
Schrijfoefening
November is voor mij de ideale maand om te schrijven. Niet per se om te creëren of te presteren, liever niet zelfs, maar juist om even stil te staan en te luisteren. Mijn woorden te laten ontstaan in de stilte. Schrijf je met me mee?
- Zoek een plek waar je even ongestoord alleen kunt zijn. Zet je telefoon op stil.
- Sluit eventueel je ogen en voel hoe je adem langzaam rustiger wordt. Adem een paar keer diep in en uit.
- Luister. Wat hoor je nu? Misschien het tikken van een klok, je eigen ademhaling, geluiden van de straat.
- Zet een timer op tien minuten. Pak je pen en maak deze zin af, zonder erover na te denken en te sturen:
“In de stilte hoor ik…”
Schrijf zonder te stoppen. Misschien verschijnt er een beeld, een herinnering of gedachte. Zet alles wat voorbijkomt op papier en sluit na 10 minuten af met een paar woorden die samenvatten wat de stilte je liet horen. Dat mag één zin zijn. Of één woord.






